Yoghurtsoep met verse bonen

Is er iets lekkerder dan verse peulvruchten? Zo’n hele zak vol, zo van de tuin. Waar je dan uiteindelijk maar een paar handjes van overhoudt. Helemaal prima voor een  zomersalade. Dit keer was het echter tijd om weer eens een echt nieuw recept uit te proberen. Van Ottolenghi, uiteraard, want in de Midden-Oosten keuken weten ze wel raad met peulvruchten. Een hete yoghurtsoep met tuinbonen. En heet slaat dit keer op de temperatuur en niet de hoeveelheid specerijen. Integendeel, lekker fris door de yoghurt, citroen en kruiden. Maar wel warm dus en bedriegelijk machtig. Een echte maaltijd soep.

Ik heb wel een paar shortcuts toegepast op het recept: normaal maak je eerst de bouillon van wortel, ui en (bleek)selderij, ik nam voor de gelegenheid een bouillonblokje.
Verder gebruikt Ottolenghi rijst, ik had blokjes aardappel. Al met al scheelde dat toch 45 minuten kooktijd en was de soep een koud kunstje (oh nee, heet)

  • Breng 1 ¼ ltr bouillon aan de kook.
  • Dop de tuinbonen  (of andere verse peulvruchten) en kook ze een paar  minuten in de hete bouillon. Koel onmiddelijk en druk bij tuinbonen de zachte groene boontjes uit de buitenste dikke vliezen (dubbeldoppen)
  • Schil 4 kleine aardappels, snijd in kleine blokjes. (of gebruik 50 gram rijst) en kook gaar in de rijst. Voeg de helft van de boontjes toe en pureer de soep met een staafmixer glad (het is nog vrij dun)
  • Klop 400 gr. dikke Griekse yoghurt los met 1 groot ei en 2 teentjes fijngesneden knoflook
  • Schep nu lepel voor lepel de helft van de soep bij het yoghurt mengsel en roer goed door (dit voorkomt dat de yoghurt gaat schiften), giet nu het yoghurt mengsel weer terug in de pan bij de rest van de soep.
  • Let op, soep niet meer laten koken maar al roerende tegen de kook aan houden totdat de soep warm en gebonden is. Maak op smaak met zout, peper en citroensap.
  • Schep de soep in een diepe kom en garneer met de rest van de boontjes, pluk dille en venkelgroen en geraspte citroen. Sprenkel er tot slot wat goede olijfolie over.

Lekker! Blijvertje.

Polenta frietjes

Kijk soms duikel je ineens weer een recept op waarvan je denkt, ‘waarom maak ik dit niet vaker?’ In mijn herinnering was het maken van polenta frietjes, of mais-rozemarijn sneetjes zoals ze bij de Groene Kookacademie heten, een heel gedoe en geklieder: eerst polenta ‘pap’ koken en dan nog eens in de oven. En moesten die sneetjes dan ook nog weer gebakken? Er stond mij nog een catering klus voor ogen, waar we als een razende de polenta sneetjes aan het maken waren die bijna letterlijk uit onze handen getrokken werden door een hongerige menigte. Ook omdat ze zo lekker waren, natuurlijk. Dus zeker de moeite waarde om nog eens te proberen.

Polenta is gemaakt van maismeel of maisgriesmeel. Griesmeel is een grof gemalen graansoort. Je hebt dus ook tarwegriesmeel. De grootte van de korrel maakt nogal wat uit. Niet alleen voor de kooktijd (meel is sneller gaar dan gries), maar vooral ook voor het mondgevoel. Ik gebruik zelf het liefst (biologische) maisgriesmeel (de grove variant) van de natuurwinkel. Je kookt de maisgries in water, bouillon of melk. Zout en/of andere smaakmakers voeg je liefst aan het vocht toe, de dikke brij is moeilijk verder op smaak te brengen. Je moet goed en lang blijven roeren zodat om te voorkomen dat de boel aanbrandt, vergelijk het met rissotto. Je hebt ook instant polenta, dan ben je snel klaar, maar mis je de kenmerkende romigheid.

Polenta is bekend als volks eten uit de Italiaanse keuken, maar komt ook voor in Oostenrijk, Slovenië, Kroatië, Roemenië en Afrikaanse landen. In West en Oost Afrika heet het Oji of Ugali. Heerlijk om de polenta in plaats van aardappels of rijst te eten. Als je de pap laat staan stijft het op en bolletjes van draaien of in plakken van snijden en verder verwerken.

Hoera! Het recept voor onze mais-rozemarijn sneetjes is eigenlijk heel simpel. Omdat we de sneetjes verder bereiden in de oven, hoeven we de maisgries maar een paar minuten te koken in de pan. Dan uitspreiden op een (ingevette) bakplaat en in de oven bakken. (30-40 minuten op 180C) Je kunt de plak dan in elke gewenste formaat snijden tot sneetjes, frietjes of koekjes. Of bijvoorbeeld als bodem gebruiken voor een pizza. Klaar!

Ingredienten:

200 gram polenta*; 500 ml bouillon; 25 gr roomboter; 75 gr parmezaan of pecorino kaas; rozemarijn (fijngesneden)

 

* ik gebruikte polenta van Johannesmolen

Broodpizza met nomato en ‘faux’ feta

Dit is het ultieme restjes koken blog waarin er maar liefst 3 recepten worden gecombineerd tot 1 gerecht:
– een pizza bodem gemaakt van oud brood volgens bloemkoolpizza recept;
– een rode saus zonder tomaten gemaakt van bietjes en wortel volgens no-mato recept (voor mensen die mogelijk gevoelig zijn voor nachtschade)
– en feta ‘kaas’ gemaakt van tofu.

Nou heb ik geen allergieën, overgevoeligheden (tenminste niet dat ik weet, op voedselgebied dan) of diëten, dus waarom zou je dat doen, vraag je je misschien af? Nou gewoon omdat het leuk is om dingen uit te proberen, je kookarsenaal uit te breiden, er andere mensen zijn die dat wel hebben en het handig is om te weten wat je dan wel kunt gebruiken. Of, in dit geval om je restjes op te maken, bijvoorbeeld.

Broodpizza bodem
De laatste tijd ben ik erg in de weer met zuurdesembrood bakken. Erg leuk dat ik nu methode heb gevonden die al een aantal keer gelukt is. Maar, ook evenzoveel keren dat het niet helemaal lukt omdat ik ander meel heb gebruikt, mijn desem overactief is, (of juist niet) of dat ik mijn improvisatievermogen toch niet helemaal kan bedwingen. Afijn, er zijn genoeg dingen te bedenken wat je met oud, te hard of te zuur brood kunt doen. Een pizzabodem is een no-brainer: het brood malen in de keukenmachine, eitje en eventueel wat parmezaanse kaas erdoor (of voor de vegan variant een eetlepel gebroken lijnzaad met water, als ei-vervanger en wat edelgist naar smaak). Leg een stuk bakpapier op een bakplaat en spreid het mengsel uit tot een dikte van ongeveer een halve centimeter. Druk goed aan en bak in de oven (180C) in ongeveer 15-20 minuten.

Rode saus
No-mato is de naam van een tomaatvrije saus, je kunt ‘m zelfs kant en klaar kopen. Maar all-over internet tref je recepten aan van mensen die bijvoorbeeld allergische klachten hebben en een anti-histamine of een eliminatie dieet volgen, die hun eigen versie hebben bedacht. De basis van de saus is gemaakt van wortel en rode biet en je hebt iets zurigs nodig om de tomatensmaak te benaderen. Je kunt daarvoor azijn of bijvoorbeeld kappertjes / olijven gebruiken. Meg, van wie ik de saus voor het eerst proefde, gebruikt daarvoor cranberries of (aal)bessen. Azijn vergroot de histamine ‘load’ en is dus af te raden bij een dergelijk dieet. Zelf heb ik daar geen last van en kon dus uitstekend de rest wortelchutney gebruiken (gemaakt met azijn en daardoor zurig) en de bietjes die op moesten.
Snipper een ui en fruit deze in wat olie. Voeg wat stukjes worteltjes toe, stukjes (al gare) biet en een kopje water. Als de wortel gaar is, kun je het mengsel pureren tot saus en op smaak maken. NB uiteraard kun je deze rode saus op allerlei manier toepassen. Ook lekker als broodbeleg, laat m dan een beetje ‘chunky’.

Faux feta
De nep feta is gemaakt van stevige tofu: dep het blok goed droog. (beter nog: pers het eerst tussen twee borden met iets zwaars erop tot het meeste vocht eruit is) Snij in blokjes en meng met olijfolie, citroensap, kruiden (zoals tijm, oregano en marjoraan), zout of liever nog melkzuurvocht (bijvoorbeeld zuurkoolsap). Stop dit alles in een pot en laat tenminste een dag of twee staan.

Pizza
Smeer de saus uit over de taartbodem, schep de blokjes feta erop en wat blaadjes rucola. Enjoy!

Carne vale

nwzv_magazine_2020_Download_DEFHR-gesleept-kopieVandaag is weer de start van de ‘ nationale week zonder vlees‘, met een heus eigen magazine, en de vegetarische restaurantweek. Alweer voor de derde keer geïnitieerd door Hippe Vegetarier Isabel Boerdam. Niet voor niks begin maart georganiseerd. We zitten namelijk midden in de vastentijd: deze is van Aswoensdag (na Carnaval) tot aan de Pasen en duurt in totaal 40 dagen. In de Katholieke kerk betekende dat in de vastentijd afgezien werd van vlees en soms ook zuivel. Carnaval zou afkomstig zijn van carne vale – ofwel ‘vaarwel aan het vlees’). Tegenwoordig wordt dat meer meer zo strikt gehanteerd, maar het kan geen kwaad om je eetgewoonten af en toe eens onder de loep te nemen. En dergelijke initiatieven (evenals de vele aanbiedingen voor vleesvervangers in de winkels!) kunnen je net dat zetje geven om weer eens wat anders te proberen.

Zelf heb ik altijd een beetje moeite met de term ‘vleesvervanger’ (vleesopvolger las ik laatst), want wat bedoelen we daar nu eigenlijk precies mee? En moet vlees wel vervangen worden? En zijn vleesvervangers ‘gezonder’ dan vlees, zoals veel mensen denken.

Een vleesvervanger kan de smaak, textuur en vorm benaderen van vlees. Het lijkt op iets wat je al kent (burger, worstje, gehakt) en is daarom makkelijk in te passen in je maaltijd. Daarmee is het niet perse gezond of qua voedingswaarde hetzelfde als vlees. Veel vleesvervangers die je in de supermarkt aantreft zijn zwaar bewerkt en bevatten ook veel zout en andere toevoegingen. De meer traditionele vleesvervangers (zoals tofu, tempeh en seitan) zijn weinig bewerkt en volwaardige ‘vervangers’, maar je moet ze wel weten klaar te maken zodat ze dezelfde functie, qua smaak, textuur en vorm, kunnen vervullen als vlees. Veel vleesvervangers in de winkel zijn op deze producten gebaseerd en dus kant en klaar te gebruiken.tempeh

Heb je een menu rijk aan peulvruchten en/of noten, dan is een vleesvervanger niet nodig. Om de smaak, textuur en vorm van vlees te benaderen, kun je gebruik maken van de volgende technieken die ook bij het bereiden van vlees worden toegepast:
– goed kruiden, gebruik bv ‘vleeskruiden’ of rooksmaak
– grillen of bakken
– let op de ‘bite’, gebruik bv paddenstoelen voor een vleesachtige structuur en umami smaak (niet zozeer voor de voedingswaarde)
– wees niet te bang voor tekorten. De hoeveelheid dierlijke eiwit die we met z’n alle consumeren is veel meer dan nodig of wenselijk. Dus een beetje minder kan echt geen kwaad.
– varieer en combineer en laat je inspireren door de vele (nieuwe) producten op de markt en ga vooral op avontuur

Het allergrootste voordeel van een dag, een week of langer zonder vlees is natuurlijk de milieu impact en het verminderen van dieenleed. Let je daarbij ook nog een beetje op de samenstelling en herkomst dan heb je een voedingspatroon die op vele fronten superieur is. Bovendien is het leuk om nieuwe producten uit te proberen en je maaltijden eens te varieren. Win win win zou ik zeggen en de moeite van het uitproberen waard!

Lokale wortel-pompoentaart

wintergroentenBeetje uitdagend maand, februari, qua seizoensgroenten dan. ‘Alleen maar knollen en kolen’, verzucht menigeen. Ik hou wel van al die robuuste wintergroenten. En als je ze een beetje anders klaarmaakt dan verveelt het niet. Zo maakte ik deze maand een salade met zoetzure koolraap, knolselderijsteaks, spruitjeshummus een taart van rode biet en een van wortel/pompoen. Het recept van de rode bieten taart/cake plaatste ik al eerder hier. De wortel/pompoen was een nieuw recept, gebaseerd op de Worteltaart uit Het Kookboek van Ottolenghi. Ik bakte ‘m als plaatcake, ter gelegenheid van de opening van het duurzaamheidscentrum in Deventer op 8 februari j.l.
Ik stond daar op een marktje, samen met Erik, streekkruidenier de Gouden Pompoen, onze lokale boeren te promoten.

Hoe maak je nu een lekkere, luchtige taart/cake van harde wintergroenten als wortel en pompoen? Zonder ze zelfs vooraf te koken?
In de eerste plaats gebruik je natuurlijk goede, biologische en in dit geval, lokale ingredienten. De wortel en pompoen hoeven alleen gewassen en kunnen, ontdaan van harde pitten, met schil en al geraspt. Voor een luchtig gebak gebruik je liefst bloem in plaats van meel. Zowel Tuinderij Haverkamp als tegenwoordig BD boerderij de Oosterwaarde leveren meel en bloem van eigen graan! Neem verse eieren, klop het eiwit op en spatel dit voorzichtig door het beslag voor extra luchtigheid. Om niet al teveel eieren te gebruiken, vervang ik een deel door gebroken lijnzaad en water. Tenslotte de smaak: ik gebruik oerzoet (gemaakt van ongeraffineerd gedroogd suikerrietsap) ipv kristalsuiker. Oerzoet smaakt door de nog aanwezige mineralen een beetje zoutig. Dat doet het goed bij de pompoen. We voegen er wat stevige (koek)kruiden, verse gember en citroensap aan toe voor een heerlijk geurende wintercake.

Voor degene die wat minder uit de losse pols koken, hieronder de hoeveelheden en bereidingswijze.
Verwarm de oven op 170C, bekleed een taartvorm of bakblik met bakpapier.

  • Splits 3 eieren: roer de eierdooiers los met een vork, klop de eiwitten stijf met een snufje zout. (1 ei kun je vervangen door 1 el gebroken lijnzaad te laten wellen met een beetje water);
  • Klop 200 ml zonnebloemolie met 200 gram oerzoet (of kristalsuiker) 1 minuut met de mixer, voeg er al kloppend de eidooiers aan toe;
  • Meng met 135 gr grof geraspte wortel of pompoen (of een mengsel); 100 gr gehakte (wal)noten (of 50 gr. noten en 50 gr kokos) en 160 gr gezeefde bloem met 1 tl bakpoeder, 1 tl koekruiden en 1/2 tl verse geraspte gember (evt wat citroensap)
  • Spatel voorzichtig het eitwitschuim door het beslag, niet te lang, het is niet erg als er nog schuim zichtbaar is;
  • Giet het beslag in de vorm en bak in ongeveer 1 uur gaar. Laat in de vorm afkoelen.

Eventueel kun je de taart/cake nog afmaken met een topping van verse roomkaas met poedersuiker en een beetje honing.
(foto markt van Paul van Moerkerken)

Snert dag

20190611_132846.jpgVegetarische snert bestaat niet’, zal menig vleesliefhebber roepen. En dat klopt. Tradtioneel maak je ‘snert’ met varkensvlees: een poot, karbonades en rookworst. Snert zou komen van het werkwoord ‘snerten’ dat mousse danwel soep-maken-van-vlees  of pruttelen-in-een-pan betekent.

Vegetarische erwtensoep dan, ook goed en beter zelfs want zonder negatieve bijklank. Gooi er voldoende groenten in en je kunt prima zonder (nep) vlees. Erwtensoep is heel gezond, heel duurzaam en goedkoop. Je gebruikt (goedkope) seizoensgroenten die in Nederland groeien met een hoogwaardig eiwitgehalte. Vanwege de langzame koolhydraten duurt het lang voor je weer honger hebt en eet je niet teveel. Bovendien is het lekker en makkelijk te maken. Daar heb je echt geen pakjes voor nodig alleen wat tijd. Maak dus liefst gelijk een grote pan.

Gebruik 500 gr spliterwten op 2 ltr bouillon. Dat is genoeg voor ong. 8 personen. Je hoeft de spliterwten niet vooraf te weken, wel afspoelen met koud water.

Als groenten gebruik je in ieder geval; winterpenen, ui, prei (van elk 2) knolselderij (1/2), bladselderij. Andere wintergroenten als pastinaak, venkel en peterselie wortel zijn er ook erg lekker in, gebruik dan iets minder van de knolselderij of peen. Als kruiden gebruik je tijm, peperkorrels en laurierblaadjes

Was en schil de groenten. Van de schillen en de kruiden kun je zelf een groentenbouillon maken. groentenaroma

  • Zet de spliterwten op met de groentenbouillon. Deze bouillon kun je zelf maken of gebruik bouillon blokjes. Laat de spliterwten zachtjes gaar koken tot ze uit elkaar vallen (kan 2 – 2 ½ uur duren)
  • Snij de groenten in blokjes of ringetjes. Neem een ruime soeppan en verhit hierin wat boter of olie. Roerbak de groenten van hard naar zacht (duss eerst de knolselederij en wortel en dan pas de prei) Voeg de volgende groenten pas toe als de eerste bijna gaar is. -Door de groenten te roerbakken, vallen ze niet in de soep uit elkaar-
  • Als laatste hak je de bladselderij, voeg deze toe aan de groenten met de gaargekookte spliterwten. Laat alles nog even goed doorkoken en maak op smaak met peper en zout.

kom erwtensoep

Tip: De soep is al heerlijk van zich zelf. Mis je toch een beetje een hartige smaak? Voeg dan wat geroerbakte blokjes pastinaak met tamari en een snufje rookpaprika toe. Of gebakken blokjes rook tofu.

Tip 2: Soep van peulvruchten (ook vegetarische) kan snel bederven, zeker als je een grote pan maakt. Zorg ervoor dat je de soep na bereiding snel afkoelt. Dat gaat het beste als je deze in kleinere porties verdeelt

(Elke tweede zondag in december is landelijke snertdag. Op locaties door heel Nederland wordt er in speciaal geselecteerde horecagelegenheden een huisgemaakte kop snert aangeboden. Het idee is mensen samen te brengen door middel van een oer-Hollandse gerecht: snert. Wil je vegetarische erwtensoep? Maak ‘m dan zelf af haal af via Thuisafgehaald.nl

 

Doe maar lekker vegetarisch

9512733a-dc08-4348-8d1c-373a37c521ae_kaart (8)Doe maar lekker vegetarisch. Dat is dit jaar het motto van de campagne van de Nationale Postcode Loterij, Albert Heijn en Unilever om heel Nederland bewuster te laten eten. Speel je mee met de postcode loterij, dan heb je een cadeau kaart ontvangen waarmee je vegetarische producten kunt kopen bij de Albert Heijn.

Prima om bijvoorbeeld eens laagdrempelig kennis te maken met vleesvervangers. Goed om te zien dat dit aanbod sterk uitgebreid is en niet alleen maar op basis van soja. Zo zie je steeds meer producten op basis van peulvruchten en noten. En ja, je kunt natuurlijk ook direct hiervoor kiezen (ook met je cadeaukaart) Bonen, linzen, eieren, noten, zaden en pitten zijn allemaal prima geschikt als vegetarische variant. En hoeven niet eerst helemaal bewerkt te worden en voorzien van een overmaat aan zout, kruiden, vet en suiker (jawel!) om er een smakelijke maaltijd van te maken.

Dus. Als vegetarisch ‘gehakt’ gebruik ik vaak bruine of dupuis linzen:20181130_165257

Fruit een uitje, bak wat champignons / paddenstoelen mee, blus af met een scheut sojasaus. Voeg de donkere linzen toe (deze blijven heel na het koken en zorgen voor een rulle, gehakt consistentie) en giet er bouillon bij totdat de linzen onder staan. kook 15-20 minuten totdat de linzen gaar zijn. Gebruik het linzen mengsel bv in de pastasaus, lasagna, stampot of ander gerecht waar je normaal gehakt  voor zou gebruiken.

 

Wil je liever een bal of burger? Kijk dan hier. Een erg lekkere burger maakte ik met pompoenburgerspompoen/kastanje puree met gele (of rode) linzen:

  • Stoom of kook pompoen en kastanje gaar en stamp deze tot puree. Breng de stevige puree lekker op smaak met gemalen koriander, karwij, gember en chilivlokken en schep er wat gesneden bosuitjes door. Vorm balletjes met je handen en druk deze plat in een bord met zaden en pitten mengsel. Bak in een koekepan met anti aanbak laag of in de oven.

Shakshuka

shakshuka otto

Shakshuka van Ottolenghi

Er zijn van die recepten die je altijd al eens wilt maken omdat ze eigenlijk tot het basis repertoire horen. Shakshuka is er zo eentje. Eindeloos mee te varieren, makkelijk en snel op tafel en heel smakelijk. Te vergelijken met een omelette of een frittata. Shakshuka is een eenpansgerecht van eieren gepocheerd in een pittige tomatensaus. Het vindt zijn oorsprong in het Middelandse zeegebied en het Midden Oosten. Een heerlijk brunch-, lunch-, diner- of bijgerecht. Uitstekend geschikt om de laatste (rijpe!) tomaten en paprika’s van het stomatenfeest2eizoen te verwerken, dus snel aan de slag. Lees verder

Pruimentijd

We zitten midden in de pruimentijd! Van juli tot oktober rolt de een na het andere soort van de bomen. Maar het liefst pluk je ze zelf als ze nog heel zijn en nog niet aangevreten door de wespen. Eenmaal rijp zijn pruimen niet lang te bewaren. Snel opeten dus en bij overvloedige oogst verwerken in gerechten of inmaken.

Pruimenjam/compote
Pruimenjam of compote is een fluitje van een cent om te maken! Ik gebruik biologische geleermiddel van Konfitura, 1 zakje voor 1 kg (schoongemaakte) pruimen; 1 a 2 eetlepels citroensap en wat suiker of ander zoetstof naar smaak.

  1. Maak jampotten en deksels schoon met heet sodawater. Spoel alles na met schoon, heet water. Laat de potten en deksels omgekeerd op een schone theedoek uitlekken.
  2. Was de pruimen, snijd ze in stukken en verwijder de pitten.
  3. Verhit de pruimen in een bodempje water tot het kookt. Voeg de citroentrechtersap, geleermiddel en de zoetstof toe. Laat 3 minuten doorkoken.
  4. Schenk de hete jam in de schone potten. Het is handig hiervoor een vultrechter te gebruiken :
  5. Sluit ze af met de schroefdop en zet de potten omgekeerd weg. Laat afkoelen

Ook lekker om de pruimen in te maken met walnoten. Gebruik 100 gr walnoten op 1 kg pruimen. Let op: je maakt de jam zonder suiker dus deze is niet lang (lees maanden/jaren) houdbaar. Je zou de potjes nog kunnen wecken om de houdbaarheid te verlengen. Ik vind dat zelf niet nodig. De ervaring leert dat het best een tijdje goed blijft.

Pruimenchutney
Met ui, gember, pepertje, azijn en suiker (basisrecept) maak je een heerlijke chutney. In dit oude recept vind je de basis.

Gedroogde pruimen
Drogen is één van de oudste en meest verspreide bewaarmethoden voor vruchten. Door vocht te ontrekken kunnen schimmels, gisten en bacteriën zich niet meer vermenigvuldigen. Daarvoor moet tenminste 95% van het oorspronkelijke vochtgehalte verdwijnen. Drogen doe je liefst op een temperatuur tussen de 50-65°C, de voedingstoffen en vitamines blijven daarbij goed bewaard. Vroeger gebruikten ze de restwarmte van de bakoven om te drogen. In een moderne elektrische of gasoven lukt het ook maar aangezien er veel vocht verdampt moet je de ovendeur op een kier zetten. (in een combi-oven kan dat dus niet!). Aangezien het drogen heel lang kan duren (8-11 uur!) is een voedseldroger aan te raden, deze kost minder energie en de oven is nog beschikbaar voor andere zaken. Diana van Diana;’s mooie moestuin heeft hier een mooi artikel over geschreven.

Waar moet je vooral aan denken bij het drogen van vruchten?
– De te drogen vruchten moeten rijp en van goede kwaliteit zijn.
– De droogtemperatuur moet gelijkmatig en niet te hoog zijn.
– Zoetige, sappige vruchten (pruim, aardbei, ananas, tomaat, appel) zijn uitermate geschikt om te drogen. Het duurt wel lang maar de smaak wordt enorm geconcentreerd en lekker.
– Sommige fruit soorten zoals pruimen, druiven, kersen, sommige bessen en vijgen hebben een beschermende schil. Om dit fruit te drogen dompel je deze kort (30-60s) in kokend heet water, koel gelijk daarna af in zeer koud water en droog af.
– De juiste droogtoestand is bereikt bij 20 tot 22% vochtgehalte dat wil zeggen als de vrucht droog aanvoelt maar nog goed buigzaam is.
– Na het drogen laat je de vruchten eerst afkoelen tot kamertemperatuur. Daarna kun je ze bewaren in een gesloten pot. Controleer een aantal keer of de pot (en inhoud nog droog is en niet gaat schimmelen.

Invriezen
Ben je nog niet zo ver om je pruimen te verwerken, dan kun je deze nog altijd invriezen:
– Was de (rijpe) pruimen en dep ze droog. Snij doormidden en verwijder pit en steel;
Leg de partjes los van elkaar op een plaat in de vriezer (-18C) totdat de partjes hard bevroren zijn; Je kunt ze nu in een bakje/zakje doen en zeker 12 maanden in de vriezer bewaren.

 

Zomerstoof: met biet, tomaat en pruim

zomerstoof met biet‘Ik had pas zo’n lekker gerecht gemaakt. Het was iets met biet, tomaat en pruim…’, zei iemand laatst. Nou, dit lijkt een ongebruikelijke combinatie maar je vermoed wel dat dit goed kan werken. Tomaten zijn zurig en dat is een goede tegenhanger van de ‘aardse’  smaak van de biet, pruimen zijn ook rins-zoet. Bovendien is alles nu volop verkrijgbaar. Iets fris en wat zoutig/hartig erbij zou ook goed smaken.

Even googelen. Het recept komt uit ‘Heel veel VEG’ van Hugh Fearnley-Whittingstall Een heerlijk kookboek vol met verrassende groentenrecepten. Heel ingewikkeld is het niet:

  • Schrob de (zomer)bietjes en snijd (met schil en al) in blokjes. Doe ze op een bakplaat met wat olie, karwij, peper en zout en rooster ongeveer 20-30 minuten op 200ºC;
  • Ondertussen: snijd de pruimen en tomaat in half of kwarten (afhankelijk van de grootte), ontvel een paar knoflooktenen;
  • Doe de pruimen, tomaat, knoflook bij de bieten en schep even door elkaar. Voeg wat takjes tijm en rozemarijn toe en zet terug in de oven voor nog zo’n 20-30 minuten tot het bubbelt

Het oordeel van het smaakpanel: errug lekker en errug zoet als hoofdgerecht om zo te eten. Doe er gerust een scheut shoyu (sojaus) of balsamicoazijn doorheen en tijm/rozemarijn erop. Serveer het gerecht met fetakaas of dikke yoghurt en een graan of brood voor de saus. Wil je het gerecht veganistisch? Gebruik dan olijven ipv fetakaas en serveer met linzen en brood.

Ik gebruikte 700 gr biet, en 500 gr tomaat en 500 gr pruimen. Met graan en kaas/linzen voldoende voor 3-4 personen.